Lokale overheden voelen het al langer. De manier waarop we geo-informatie organiseren begint te wringen. BAG, BGT en WOZ functioneren ieder goed op zichzelf, maar in de praktijk ontstaan fricties op de grenzen tussen deze registraties. Denk aan dubbele invoer, overdrachten tussen teams en een sterke afhankelijkheid van specialistische kennis.
Een verbouwing die in de BAG wordt verwerkt, vraagt bijvoorbeeld vaak ook om een aanpassing in de BGT en kan gevolgen hebben voor de WOZ. Hoewel het om hetzelfde object gaat, verloopt de verwerking vaak via verschillende processen, systemen en medewerkers. Dat kost tijd, vergroot de kans op fouten en maakt organisaties afhankelijk van specifieke kennis.
De vraag is alleen, wanneer is de markt echt klaar voor de volgende stap? En misschien nog belangrijker, waar merk je dat aan?
Van ambitie naar uitvoerbaarheid
Die verschuiving is inmiddels duidelijk zichtbaar. Waar het gesprek voorheen vooral ging over ambitie, “we moeten toe naar meer samenhang”, ligt de focus nu op uitvoerbaarheid. Lokale overheden accepteren de complexiteit van het huidige model niet langer als gegeven, maar zoeken naar manieren om processen concreet te vereenvoudigen.
- Gemeenten organiseren steeds meer rondom het object
Die beweging is zichtbaar binnen organisaties zelf. Processen worden tegen het licht gehouden, teams anders ingericht en er ontstaat meer focus op samenhang rondom het object. Zo zien we dat gemeenten BAG, BGT en WOZ organisatorisch dichter bij elkaar brengen. Daarmee komt de basis vrij om ook de ondersteunende systemen anders te organiseren. - Technologie maakt vereenvoudiging haalbaar
Tegelijkertijd is de technologische context fundamenteel veranderd. Automatisering en AI maken het mogelijk om processen anders in te richten, sneller, consistenter en met minder handmatige stappen.
Denk bijvoorbeeld aan het automatisch signaleren van mutaties, het ondersteunen van kwaliteitscontroles of het voorbereiden van registratiewijzigingen op basis van beschikbare gegevens. Waar medewerkers voorheen veel tijd kwijt waren aan controles, overdrachten en administratieve handelingen, kan technologie steeds meer ondersteunen in het proces.
Niet alleen verbetert dit de kwaliteit, het drukt ook de uitvoeringskosten. Wat eerder complex en kostbaar was, wordt daarmee praktisch haalbaar. - Specialistische capaciteit staat onder druk
De urgentie neemt bovendien toe. Overheden hebben steeds meer moeite om specialistische geo- en domeinkennis aan te trekken en te behouden. Processen die afhankelijk zijn van een kleine groep experts zijn kwetsbaar en lastig schaalbaar.
Wanneer kennis over BAG-, BGT- of WOZ-processen verspreid zit over verschillende afdelingen of zelfs bij individuele medewerkers, ontstaat een risico voor de continuïteit. Vereenvoudiging is daarmee geen ambitie meer, maar een noodzaak. - Standaarden en kaders worden steeds duidelijker
Ook de kaders worden duidelijker. Centrale sturing neemt toe en er ontstaan steeds meer gedeelde informatiemodellen en standaardprocessen.
Initiatieven zoals Mercator laten zien dat de beweging richting objectgericht werken niet langer alleen lokaal wordt gedragen. De betrokkenheid van partijen als VNG en Geonovum onderstreept dat er steeds meer consensus ontstaat over de richting waarin gemeenten zich ontwikkelen. Dat verlaagt de drempel om als organisatie daadwerkelijk te bewegen.
Eenvoud als sleutel tot beweging
De volgende stap zit niet in nog complexere systemen binnen bestaande kaders, maar in een andere manier van werken. Niet de registratie staat centraal, maar het object en het proces eromheen.
Dat betekent werken vanuit één integraal beeld van het object en van daaruit de doorvertaling maken naar BAG, BGT en WOZ. Niet drie processen die op elkaar aansluiten, maar één logisch proces dat doorloopt.
Een wijziging aan een pand, een nieuwe aanbouw of een gesplitst perceel vormt daarbij het startpunt. Vanuit dat ene signaal wordt bepaald welke registraties moeten worden bijgewerkt. Dat voorkomt onnodige overdrachten en vermindert de kans op verschillen tussen registraties.
Daarvoor is andere software nodig. Geen oplossingen die primair zijn ingericht op afzonderlijke registraties, maar software die processen centraal stelt, van signaal tot mutatie. Software die begrijpelijk is voor de medewerker die ermee werkt en die de complexiteit onder de motorkap houdt.
Meer weten over integrale objectregistratie?