Integrale Objectenregistratie: van visie naar concrete realisatie
In deze serie zijn we het onderwerp integrale objectenregistratie van meerdere kanten langsgegaan. We begonnen bij de vraag waarom dit nog steeds urgent is en waarom het eerder niet lukte. Daarna keken we naar wat een integrale objectenregistratie écht betekent, waar de huidige koppelingen tussen BAG, BGT en WOZ tekortschieten, waarom gemeenten er nu klaar voor zijn, wat het in de praktijk oplevert, en volgens welke vier ontwerpprincipes je het vormgeeft. In de vorige blog lieten we zien hoe een team daar vandaag al concreet mee aan de slag kan.
Wat in deze serie nog niet is beantwoord: wat vraagt dit van de organisatie als geheel, en van de samenwerking tussen gemeenten en leveranciers? Die vraag staat centraal in deze afsluitende blog.
Van ambitie naar richting
Vrijwel iedereen in het veld onderschrijft inmiddels dat een integrale objectenregistratie de logische volgende stap is. Die brede instemming is waardevol, maar volstaat niet. Ambitie zonder richting blijft steken in goede bedoelingen.
Richting geven betekent een keuze maken: welke ontwerpprincipes hanteert jouw organisatie, wie krijgt mandaat om hiermee aan de slag te gaan, en welk tempo past bij de eigen organisatie? Dat is geen technische vraag, maar een bestuurlijke. Zolang die keuze niet gemaakt wordt, blijft het onderwerp hangen tussen afdelingen die er wel mee willen beginnen, maar geen opdracht hebben om door te pakken.
Samenwerking en standaardisatie tussen gemeenten en leveranciers
Een bekend patroon houdt de voortgang tegen: gemeenten wachten op een aanbod van leveranciers, leveranciers wachten op een gedragen vraag uit de markt, en beide wachten op landelijke standaarden. Niemand zet als eerste de stap, en zo blijft iedereen wachten op elkaar.
Die patstelling doorbreek je niet door nog harder te wachten op duidelijkheid van de ander, maar door als gemeente het gesprek met leveranciers actief op te zoeken. Concrete afspraken over gegevensuitwisseling, aansluiting op bestaande standaarden en gezamenlijke pilots geven richting aan een markt die anders op zichzelf blijft wachten. Ook landelijke initiatieven rond IBRO en Common Ground bieden een kader om op aan te sluiten, in plaats van te wachten tot dit kader volledig is uitgekristalliseerd.
Afspraken maken bij de bron
Waar kan zo’n afspraak met marktpartijen concreet beginnen? Een voor de hand liggende plek is bij de inwinning, op het moment dat een object ontstaat of verandert. Denk aan het Building Information Model, kortweg BIM. Bij nieuwbouw of verbouw bevatten deze bestanden al veel van de informatie die een integrale objectenregistratie nodig heeft, zoals geometrie, oppervlaktes, bouwjaar en gebruiksfuncties.
In de praktijk wordt die rijkdom weinig benut. Een BIM-bestand wordt zelden ingediend bij een vergunningsaanvraag, en gemeenten hebben nu beperkt mogelijkheden om de inhoud ervan systematisch te gebruiken. Vastgoedontwikkelaars hebben op hun beurt weinig prikkel om bestanden gestandaardiseerd aan te leveren zolang gemeenten er niet expliciet om vragen. Een klassiek kip-en-ei-probleem.
Dit is precies het soort keuze die op bestuurlijk niveau gemaakt kan worden: door bij vergunningstrajecten afspraken vast te leggen over wat een aangeleverd bestand minimaal moet bevatten, geeft een gemeente richting aan de markt in plaats van te wachten tot leveranciers of ontwikkelaars uit zichzelf bewegen. VNG kan helpen om dergelijke afspraken te bundelen, zodat niet elke gemeente dit zelf opnieuw hoeft uit te vinden.
Wat gemeenten hierin kunnen bijdragen
Gemeenten zijn niet alleen afnemer in dit proces, maar ook aanjager. Een aantal concrete bijdragen die het verschil maken:
- Budget en mandaat. Zonder expliciete toewijzing van budget en mandaat blijft integrale objectenregistratie een nevenproject naast de dagelijkse werkzaamheden.
- Vroege betrokkenheid van leveranciers. Door leveranciers al in een vroege fase te betrekken bij de eigen aanpak, ontstaat een gedeeld beeld van wat nodig is, in plaats van een aanbod dat achteraf niet aansluit.
- Aansluiten bij standaardisatietrajecten. Deelname aan initiatieven die door bijvoorbeeld VNG worden gecoördineerd, voorkomt dat elke gemeente het wiel opnieuw uitvindt en versterkt de gezamenlijke vraag richting leveranciers en Rijk.
Ook Vicrea zet al concrete stappen
Deze oproep tot samenwerking is niet alleen gericht naar buiten. Ook bij Vicrea zelf zijn we al actief bezig om hier concreet invulling aan te geven. Zo organiseren we special interest groups rond Neuron Cortex, een oplossing die we ontwikkelen met IBRO als uitgangspunt: het samenbrengen van objectinformatie vanuit BAG, BGT en WOZ tot één samenhangend beeld. In deze groepen werken we samen met gemeenten en informatiemanagers aan de vraag hoe een integrale objectenregistratie er in de praktijk uit moet zien, nog voordat een landelijk kader volledig is uitgekristalliseerd.
Neuron Cortex is op dit moment nog in ontwikkeling. Het is dus geen kant-en-klare oplossing die je vandaag kunt afnemen, maar wel een concreet voorbeeld van hoe de stap van visie naar realisatie er in de praktijk uitziet: niet wachten tot alles vaststaat, maar samen met de doelgroep bouwen aan wat werkt.
Concrete vervolgstappen
Voor wie deze serie heeft gevolgd en de vertaling naar de eigen organisatie wil maken, zijn dit de stappen die er nu al toe doen.
- Agendeer het onderwerp op directie- of bestuursniveau, als strategisch thema in plaats van een technisch project van één afdeling.
- Geef het team expliciet mandaat en budget om de praktische eerste stappen te zetten die in de vorige blog van deze serie zijn beschreven.
- Zoek het gesprek met leveranciers actief op, over gegevensuitwisseling, standaardisatie en gezamenlijke pilots.
- Sluit aan bij landelijke ontwikkelingen rond IBRO en Common Ground, zodat de eigen aanpak meebeweegt met wat elders al wordt opgebouwd.
Tot slot
Een integrale objectenregistratie wordt geen werkelijkheid door alleen ambitie of nieuwe wetgeving, maar door richting, samenwerking en keuzes die nu gemaakt kunnen worden. De bouwstenen liggen er, de partijen zijn er. Wat nodig is, is het commitment om de volgende stap ook daadwerkelijk te zetten.
Wil je doorpraten over hoe deze aanpak past bij jouw organisatie? Onze specialisten denken graag met je mee over de te maken keuzes en de samenwerking met leveranciers die daarbij hoort.
Dit is het laatste deel in onze serie over integrale objectenregistratie. Lees ook de eerdere artikelen:
- Waarom één integrale objectenregistratie nog steeds urgent is en waarom dit eerder niet lukte
- Eén object, meerdere perspectieven: wat een integrale objectenregistratie écht is
- Integrale objectenregistratie: de beperkingen van koppelingen tussen BAG, BGT en WOZ
- Waarom gemeenten nu klaar zijn voor integrale objectenregistratie
- Wat Integrale Objectenregistratie in de praktijk oplevert
- Integrale Objectenregistratie: van visie naar ontwerp in 4 principes
- Wat is de eerste stap voor gemeenten richting een integrale objectenregistratie?
Denk mee over de toekomst van objectregistratie
Wil je als organisatie al geïnformeerd worden over de mogelijkheden van Neuron Cortex voor het integraal beheren van objecten? Of ben je geïnteresseerd om als Vicrea Innovatie Partner mee te ontwikkelen? Neem dan contact op met onze accountmanagers via het formulier hieronder.